Venezia 2019

In de lente van 2007 passeerde ik voor het eerst in Venetië. Het was op de laatste dag van een tiendaagse Romereis met het zesde jaar van het Virga-Jessecollege. Heel veel actieve aandacht was er helaas niet meer over voor de Dogestad. Twaalf-en-een-half jaar later werd het stilaan tijd om de schade in te halen. Samen met mijn moeder city-trippen, jawel!

Er is in een stad als Venetië uiteraard veel te doen. Omdat 24 uur krap is, moesten er echter keuzes gemaakt worden. Zelf gingen wij alvast voor deze highlights…

  • Met Lijn 2 van de waterbus over het Canal Grande
  • Een avondwandeling (In Venetië moet je verdwalen om de stad écht te ontdekken, zo zegt men)
  • Een uitgebreid bezoek aan het Palazzo Ducale (of ook: het Dogepaleis)
  • Een snelle passage in de Basilica di San Marco
  • Museo del Vetro, het glasmuseum van Murano
  • Een snelle hap in een authentieke cichetteria

Een bus laten rijden door de straten van Venetië, da’s niet echt een optie. Een stad die letterlijk op het water gebouwd is, daarin verplaats je je per boot. Als toerist kan je dat doen met een watertaxi, per gondel of… met de vaporetto, de waterbus. Het is tevens een ideale manier om erg snel veel van de stad te zijn te krijgen. Zo doen oa. lijn 1 en lijn 2 heel het Canal Grande aan.

De grote blikvangers van de stad, die vind je op en rond de eindhalte van Lijn 2: het Piazza San Marco, het San Marco-plein. Het plein is op zichzelf al iconisch, maar het herbergt tevens pareltjes als de San-Marcobasiliek, Caffé Florian, het Dogepaleis ,…

Dat Dogepaleis was meteen ook onze eerste stop, vroeg in de ochtend. Zo waren we de drukte van de vele cruiseschip- en andere eendagstoeristen voor. Naast de klassieke toppers – de Sala del Maggior, de Ponte Dei Sospiri,… – zijn er ook steeds tijdelijke tentoonstellingen. Zo bezochten wij een collectie met de noemer ‘Van Titiaan tot Rubens – Meesterwerken uit Antwerpen en andere Vlaamse collecties’. Als Belg ben je toch echt overàl een beetje thuis…

Ook de basiliek van San Marco bezoek je maar zeker voor de grote drukte van de dag. Pas in 1807 werd deze kapel van het dogepaleis geüpgraded naar ‘patriarchale kathedraal-basiliek’. het is een Italo-Byzantijns pareltje dat niet op je to-visitlijstje mag ontbreken!

Wie Venetië zegt, zegt glasblazen. De volgende stop is het glasmuseum van Murano. Hoewel je in heel Venetië (al dan niet authentiek) Murano-glas kan vinden, is het aanbod op het glasblazerseiland zelf natuurlijk toch nét iets anders. In het Museo del Vetro vind je een overzicht van de rijke geschiedenis die Venetië met glas deelt. Het bevat ook een collectie aan hedendaagse pareltjes.

Voor wie zelf ooit die kant op gaat…

Waar we sliepen

Bij het zoeken naar een hotel, viel ons oog per groot toeval op Hotel Gabreilli. Dat ligt vlak aan het water op een steenworp van San Marco. Een aanrader voor wie zelf ooit wilt overnachten. Niet alleen ligt het hotel op een prachtige locatie, door haar centrale ligging vind je het ook vlot terug! En da’s geen evidentie in een stad als Venetië.

Waar we aten

De stad heeft genoeg te bieden. Wij zochten – en vonden – ook enkele toffe zaakjes met een authentieke feel. Voor ons avondeten passeerden we in Conca d’Oro, een ietswat toeristische pizzeria in Castello. Dé grote aanrader voor een snelle, authentieke hap onder de middag is Un Mondo Divino, een bàcari die we tegenkwamen ergens in de meer rustige straatjes, met wat meer couleur locale.

Bàcaro & cichetteria 'Un Mondo Divino'
Bàcari zijn kleine bars waar ze ‘cicchetti’ serveren: kleine tapasachtige gerechten.

En ook nog dit…

Ik ben zelf het type reiziger dat op voorhand veel opzoekt. Zo weet ik ter plaatse goed wat de opties zijn. De dag zelf kan dan uiteraard nog beslist worden waar we zin in hebben, maar ik ben graag voorbereid. Voor wie zelf ooit in Venetië passeren wilt, is hier mijn reisvoorbereiding: